Goed

We laten adoptie toe, maar begrijpen het niet.

Dit zat van de week in m’n mailbox. Het gaf me instant kippenvel.

Het voelt als een verwijt, een wijzende vinger. En dan ook weer niet.

De mail kwam van Steunpunt Adoptie, dat zich richt op nazorg voor geadopteerden. Ook voor adoptieouders, maar uiteraard ligt de nadruk op de zorg voor de geadopteerde kinderen. En pubers. En (jong)volwassenen. Want de nood aan nazorg stopt niet als de eerste ‘aanpassingsjaren’ voorbij zijn.

Toegegeven, ik heb het soms moeilijk, met het statuut als adoptieouder. Adoptieouders worden al te vaak op een sokkel gezet. Standbeelden zijn echter nooit mijn ding geweest. Ik voel me als adoptieouder vaak net egoïstisch. Wij wilden een tweede kind. Wij hadden goede bedoelingen. Maar wie als vlieg op de muur bij de adoptieoverdracht was, had kunnen beamen dat adoptie niet was wat onze Zwaluw in gedachten had.

Natuurlijk weten kleine kinderen niet wat goed voor hen is, kan je dan zeggen. Hoe hartverscheurend ook, het was goed dat we hebben doorgezet en haar met vier paar handen het busje in forceerden. Gezien haar oogproblemen nu, is het goed dat ze bij ons de beste zorgen kan krijgen.

Maar is het echt zo ‘goed’?

Een kind uit z’n vertrouwde omgeving wegrukken?

Een kind doen twijfelen aan het blijvende karakter van relaties?

Een kind de rest van z’n leven tussen twee landen laten schipperen?

Een kind laten worstelen met z’n donkere identiteit in een blank gezin?

Adoptie is geen ideale oplossing, laat ons wel wezen. In ons geval beschouw ik adoptie in de eerste plaats als een trauma. Zeker niet als het methaargatindebotergevallen geschenk dat al te veel mensen schijnen te denken als ze de Zwaluw zien.

Ik zeg niet dat alle geadopteerden worstelen met zichzelf, met relaties, met identiteit. Zoveel hangt af van voorgeschiedenis, karakter, adoptiegezin en nazorg. Er zijn genoeg geadopteerden die neutraal of zelfs positief tegenover hun adoptie staan. Maar voorlopig behoort de Zwaluw niet tot die groep.

In alle bescheidenheid durf ik stellen dat we naar haar toe heel open zijn naar haar afkomst en geschiedenis toe. Ze kan tegen ons zeggen wat ze wil, zonder bang te hoeven zijn dat ze ons kwetst. Dat ze ons met tijden haat omdat we haar hebben gestolen uit haar land, is haar goed recht. Dat ze ’s morgens tegen me aan komt liggen en fluistert dat ze wou dat ik haar Mama Assa was, beschouw ik als een compliment, niet als een verwijt. Ik weet wat we voor elkaar betekenen.

Maar we kunnen nooit helemaal begrijpen hoe ze zich voelt. We kunnen de strijd voor haar niet overnemen. We kunnen haar verlangen naar haar biologische familie niet zomaar wegnemen. We kunnen haar waarom-vragen niet allemaal beantwoorden.

Hoe we het ook proberen goed te praten, haar adoptiestatus bezorgt de Zwaluw pijn en verdriet.

Hoe goed we het ook bedoelen, als adoptieouder zijn we er mede verantwoordelijk voor.

Advertenties

2 reacties Voeg uw reactie toe

  1. Johan Van Holderbeke schreef:

    Knuffel…
    En ooit kan een goed gesprek met Lies Lefever wel eens deugd doen… iets om te onthouden?

    Like

Laat gerust een reactie achter!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s