Centerparcs

on

Ergens in juli hadden we plots zin in een weekendje Centerparcs. Niet te ver weg, want dat lijkt toch allemaal op elkaar. We gingen voor de Vossemeren, vonden een spotgoedkope aanbieding en boekten meteen voor het komende weekend. Dachten we. Een 1 en een 7 willen wel eens op elkaar lijken, op zo’n klein smartphone schermpje. En dat er 2017 stond, dat had de Beer ook niet gezien.

Zodoende hadden we per ongeluk nog een weekendje Centerparcs staan van 13 tot 15 januari. Een fijne extra, dachten we toen nog, al lachend om onze stommiteit. Iets dat we anders niet zouden boeken, zo in een schoolweek in de winter. Leuk! Toch?

Nee dus. Op die vrijdag de dertiende zag ik het totaal niet zitten. Het was net dié tijd van de maand en ik had barstende koppijn. Ik heb nog steeds de neiging om mensenmassa’s te ontwijken. De kinders waren net iets te hyperenthousiast. Ik wou eigenlijk liever gewoon ergens onder een rots kruipen en bevriezen. Ofzoiets.

Natuurlijk gingen we toch. Het was al betaald en de kinders keken er belachelijk fel naar uit. Ik pakte in met de moed der wanhoop – ik hààt valiezen pakken, remember. Kleren. Zwemgerief. Boeken. Spelletjes. Eten en drinken. Donsdekens en kussens. Tijgerknuffels. Gigantische tijgerknuffels.

Toen dat achter de rug was, zag ik het al wat beter zitten. En vanaf toen ging het eigenlijk vooral nog beter.

Er waren natuurlijk de dagelijkse discussies met de Zwaluw en haar sterke karakter, maar dat was niet anders dan thuis. Toen we na de eerste zwembeurt een tegenspartelende, kokhalzende en grommende Zwaluw naar de douche moesten sleuren, besloten we dat ze zich niet meer mocht laten verdrinken, ook niet voor de fun.

Ze heeft nog uren gezeurd en gedreind, zelfs in haar slaap. Ze was absoluut niet van plan om de volgende dag zo’n onnozel fluogeel zwemvestje aan te doen. Wat dachten we wel? Dat ze een kleuter was? Er werd van alle kanten gezucht, gedreigd en geroepen, maar het mocht niet baten. Zij gaf geen centimeter toe, maar wij ook niet. Het lijkt soms wel alsof we een ander kind hebben als we haar in water soppen. Gremlingewijs dan. Te gevaarlijk om vrij rond te lopen. Wild, onberekenbaar, zonder enige vrees en constant ontsnappend. Het zwemvestje was geen optie, maar een noodzaak.

Godzijdank was daar de Eskimo die de volgende ochtend verklaarde dat hij ook een zwemvestje zou gaan dragen. Dat was immers vetcool, dan blijf je gewoon drijven enzo. Oef. Dikke vetcoole OEF.

Buiten het zwemvestjesdrama en de ermee gepaard gaande mentale vermoeidheid van die eerste avond, verliep alles eigenlijk best vlot. De Beer en ik hadden wat tijd voor onszelf en begonnen een kampeervakantie in Zuid-Frankrijk te plannen. De kinders sliepen gezellig op de tapis plein van hun kamer omdat ze hun gigatijgers het bed gunden. Het dunne laagje sneeuw maakte de wandelingen van en naar onze chalet sprookjesachtig en een tikkeltje glad. En de kinders maakten maar een keer of drie kletterende ambras.

Ik vond het zowaar jammer dat we zondag alweer naar huis moesten vertrekken.

Advertenties

2 reacties Voeg uw reactie toe

  1. Doris schreef:

    “besloten we dat ze zich niet meer mocht laten verdrinken, ook niet voor de fun.”

    Met alle drama dat erachter zit, toch ook een fantastische zin om te lezen.

    Ben heel blij dat het al met al fijn was. En heb al moeite met mijn eigen koffer pakken, laat staan dat ik dat ook nog voor anderen zou moeten doen….

    Liked by 1 persoon

  2. Johan Van Holderbeke schreef:

    Zo fijn dit te lezen!!! En die zin van het verdrinken heb ik ook enkele keren gelezen… moeten lezen … eer ik helemaal mee was…

    Like

Laat gerust een reactie achter!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s